<?xml version='1.0' encoding='UTF-8'?>
<rss version='2.0' xmlns:atom='http://www.w3.org/2005/Atom'>
<channel>
<title><![CDATA[My RSS Feed]]></title>
<link>https://www.zinnenspinnerij.be/blog/</link>
<atom:link href='https://www.zinnenspinnerij.be/blog/rss.xml' rel='self' type='application/rss+xml' />
<description><![CDATA[This is a short description of your blog for your RSS Feed.]]></description>
<lastBuildDate>Fri, 18 Jul 2025 16:59:00 +0000</lastBuildDate>
<language>nl</language>
<copyright>Copyright (C) 2009 zinnenspinnerij.be</copyright>
<item>
<title><![CDATA[𝗗𝗘𝗥𝗪𝗜𝗝𝗭𝗘 (𝗲𝗻 𝗻𝗶𝗲𝘁 𝗮𝗻𝗱𝗲𝗿𝘀)]]></title>
<description><![CDATA[ <p>𝙷𝚎𝚝 𝚒𝚜 𝚟𝚛𝚒𝚓𝚍𝚊𝚐 𝚎𝚗 𝚍𝚎 𝚣𝚘𝚗 𝚜𝚌𝚑𝚒𝚓𝚗𝚝． 𝙷𝚎𝚝 𝚒𝚜 𝚟𝚛𝚒𝚓𝚍𝚊𝚐 𝚎𝚗 𝚐𝚎 𝚣𝚒𝚝 𝚒𝚗 𝚍𝚎 𝚊𝚞𝚝𝚘 𝚖𝚎𝚝 𝚍𝚘𝚔𝚝𝚎𝚛 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊． 𝙶𝚎 𝚖𝚊𝚊𝚕𝚝 𝚜𝚊𝚖𝚎𝚗 𝚠𝚊𝚝 𝚔𝚒𝚕𝚘𝚖𝚎𝚝𝚎𝚛𝚜 𝚠𝚎𝚐 𝚘𝚟𝚎𝚛 𝚠𝚎𝚐𝚎𝚗 𝚍𝚒𝚎 𝚟𝚊𝚗 𝙶𝚎𝚗𝚝 𝚗𝚊𝚊𝚛 𝚑𝚎𝚝 𝙾𝚘𝚜𝚝-𝚅𝚕𝚊𝚊𝚖𝚜𝚎 𝚙𝚕𝚊𝚝𝚝𝚎𝚕𝚊𝚗𝚍 𝚕𝚎𝚒𝚍𝚎𝚗 𝚎𝚗 𝚠𝚎𝚎𝚛 𝚝𝚎𝚛𝚞𝚐． 𝙶𝚎 𝚣𝚒𝚓𝚝 𝚒𝚗 𝚞𝚠 𝚜𝚌𝚑𝚒𝚔 𝚎𝚗 𝚣𝚒𝚓 𝚘𝚘𝚔． 𝙶𝚎 𝚑𝚊𝚍 𝚍𝚘𝚔𝚝𝚎𝚛 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊 𝚊𝚕 𝚎𝚎𝚗𝚜 𝚎𝚎𝚛𝚍𝚎𝚛 𝚘𝚗𝚝𝚖𝚘𝚎𝚝, 𝚒𝚗 𝚍𝚎 𝚠𝚊𝚗𝚍𝚎𝚕𝚐𝚊𝚗𝚐𝚎𝚗 𝚟𝚊𝚗 𝚍𝚎 𝙶𝚎𝚗𝚝𝚜𝚎 𝚑𝚞𝚒𝚜𝚊𝚛𝚝𝚜𝚎𝚗𝚠𝚊𝚌𝚑𝚝𝚙𝚘𝚜𝚝, 𝚖𝚊𝚊𝚛 𝚖𝚎𝚝 𝚑𝚊𝚊𝚛 𝚞𝚒𝚝𝚛𝚒𝚓𝚍𝚎𝚗 𝚍𝚎𝚎𝚍 𝚐𝚎 𝚝𝚘𝚎𝚗 𝚗𝚒𝚎𝚝． 𝙽𝚞 𝚍𝚞𝚜 𝚠𝚎𝚕． 𝙷𝚎𝚝 𝚒𝚜 𝚏𝚎𝚎𝚜𝚝． 𝙴𝚗 𝚗𝚒𝚎𝚝 𝚊𝚕𝚕𝚎𝚎𝚗 𝚘𝚖𝚍𝚊𝚝 𝚣𝚎 𝚟𝚎𝚛𝚠𝚊𝚛𝚛𝚎𝚗𝚍 𝚖𝚘𝚘𝚒𝚎 𝚋𝚕𝚊𝚞𝚠𝚎 𝚘𝚐𝚎𝚗 𝚑𝚎𝚎𝚏𝚝． 𝙷𝚎𝚝 𝚒𝚜 𝚏𝚎𝚎𝚜𝚝 𝚘𝚖𝚍𝚊𝚝 𝚣𝚒𝚓 𝚣𝚒𝚗𝚐𝚝． 𝙽𝚒𝚎𝚝 𝚎𝚎𝚗 𝚋𝚎𝚎𝚝𝚓𝚎, 𝚗𝚒𝚎𝚝 𝚜𝚝𝚒𝚕𝚕𝚎𝚝𝚓𝚎𝚜, 𝚗𝚒𝚎𝚝 𝚑𝚊𝚕𝚏 𝚗𝚎𝚞𝚛𝚒ë𝚗𝚍 𝚑𝚊𝚕𝚏 𝚖𝚞𝚛𝚖𝚎𝚕𝚎𝚗𝚍, 𝚖𝚊𝚊𝚛 𝚖𝚎𝚝 𝚑𝚊𝚛𝚝 𝚎𝚗 𝚣𝚒𝚎𝚕． 𝙶𝚎 𝚋𝚎𝚍𝚎𝚗𝚔𝚝 𝚍𝚊𝚝 𝚑𝚎𝚝 𝚋𝚎𝚐𝚛𝚒𝚙 ‘𝚟𝚘𝚕𝚕𝚎 𝚘𝚟𝚎𝚛𝚐𝚊𝚟𝚎’ 𝚋𝚎𝚍𝚊𝚌𝚑𝚝 𝚒𝚜 𝚟𝚘𝚘𝚛 𝚍𝚒𝚝 𝚜𝚘𝚘𝚛𝚝 𝚖𝚘𝚖𝚎𝚗𝚝𝚎𝚗． ‘𝙸𝚔 𝚜𝚝𝚊 𝚎𝚎𝚗 𝚋𝚎𝚎𝚝𝚓𝚎 𝚑𝚢𝚙𝚎𝚛’, 𝚕𝚊𝚌𝚑𝚝 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊． ‘𝙸𝚗 𝚑𝚎𝚝 𝚐𝚎𝚑𝚎𝚎𝚕 𝚗𝚒𝚎𝚝’, 𝚣𝚎𝚐 𝚒𝚔． ‘𝙳𝚊𝚝 𝚣𝚒𝚗𝚐𝚎𝚗 𝚜𝚝𝚊𝚊𝚝 𝚞 𝚋𝚎𝚎𝚕𝚍𝚒𝚐．’</p>
<p>𝙱𝚘𝚗𝚗𝚒𝚎 𝚃𝚢𝚕𝚎𝚛 𝚔𝚘𝚖𝚝 𝚟𝚘𝚘𝚛𝚋𝚒𝚓． ‘𝚃𝚘𝚝𝚊𝚕 𝚎𝚌𝚕𝚒𝚙𝚜𝚎 𝚘𝚏 𝚝𝚑𝚎 𝚑𝚎𝚊𝚛𝚝’, 𝚜𝚌𝚑𝚊𝚕𝚝 𝚞𝚒𝚝 𝚍𝚎 𝚕𝚞𝚒𝚍𝚜𝚙𝚛𝚎𝚔𝚎𝚛𝚜． 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊’𝚜 𝚘𝚐𝚎𝚗 𝚕𝚒𝚌𝚑𝚝𝚎𝚗 𝚘𝚙． 𝙶𝚒𝚓 𝚙𝚛𝚘𝚋𝚎𝚎𝚛𝚝 𝚎𝚛 𝚑𝚎𝚎𝚕 𝚎𝚛𝚐 𝚗𝚒𝚎𝚝 𝚒𝚗 𝚝𝚎 𝚔𝚒𝚓𝚔𝚎𝚗, 𝚒𝚗 𝚍𝚒𝚎 𝚘𝚐𝚎𝚗． 𝙶𝚎 𝚠𝚒𝚕𝚝 𝚐𝚎𝚎𝚗 𝚊𝚌𝚌𝚒𝚍𝚎𝚗𝚝𝚎𝚗 𝚍𝚘𝚎𝚗． 𝙽𝚒𝚎𝚝 𝚖𝚎𝚝 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊 𝚒𝚗 𝚍𝚎 𝚊𝚞𝚝𝚘． 𝙴𝚛 𝚖𝚊𝚐 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊 𝚗𝚒𝚎𝚝𝚜 𝚘𝚟𝚎𝚛𝚔𝚘𝚖𝚎𝚗． 𝙽𝚒𝚎𝚝𝚜 𝚗𝚒𝚎𝚖𝚎𝚗𝚍𝚊𝚕 𝚗𝚒𝚔𝚜． 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊 𝚖𝚘𝚎𝚝 𝚗𝚘𝚐 𝚕𝚊𝚗𝚐 𝚎𝚗 𝚐𝚎𝚕𝚞𝚔𝚔𝚒𝚐 𝚕𝚎𝚟𝚎𝚗, 𝚟𝚒𝚗𝚍𝚝 𝚐𝚎． 𝚉𝚒𝚓 𝚣𝚒𝚗𝚐𝚝 𝚘𝚗𝚍𝚎𝚛𝚝𝚞𝚜𝚜𝚎𝚗 𝚞𝚒𝚝 𝚟𝚘𝚕𝚕𝚎 𝚋𝚘𝚛𝚜𝚝 𝚖𝚎𝚎．</p>
<blockquote>
<p>‘𝘌𝘷𝘦𝘳𝘺 𝘯𝘰𝘸 𝘢𝘯𝘥 𝘵𝘩𝘦𝘯, 𝘐 𝘨𝘦𝘵 𝘢 𝘭𝘪𝘵𝘵𝘭𝘦 𝘣𝘪𝘵 𝘵𝘪𝘳𝘦𝘥 𝘰𝘧 𝘭𝘪𝘴𝘵𝘦𝘯𝘪𝘯𝘨 𝘵𝘰 𝘵𝘩𝘦 𝘴𝘰𝘶𝘯𝘥 𝘰𝘧 𝘮𝘺 𝘵𝘦𝘢𝘳𝘴. (𝘛𝘶𝘳𝘯 𝘢𝘳𝘰𝘶𝘯𝘥) 𝘌𝘷𝘦𝘳𝘺 𝘯𝘰𝘸 𝘢𝘯𝘥 𝘵𝘩𝘦𝘯, 𝘐 𝘨𝘦𝘵 𝘢 𝘭𝘪𝘵𝘵𝘭𝘦 𝘣𝘪𝘵 𝘯𝘦𝘳𝘷𝘰𝘶𝘴 𝘵𝘩𝘢𝘵 𝘵𝘩𝘦 𝘣𝘦𝘴𝘵 𝘰𝘧 𝘢𝘭𝘭 𝘵𝘩𝘦 𝘺𝘦𝘢𝘳𝘴 𝘩𝘢𝘷𝘦 𝘨𝘰𝘯𝘦 𝘣𝘺 (𝘛𝘶𝘳𝘯 𝘢𝘳𝘰𝘶𝘯𝘥)’</p>
</blockquote>
<p>𝙾𝚗𝚍𝚊𝚗𝚔𝚜 𝚍𝚎 𝚜𝚖𝚊𝚛𝚝 𝚒𝚗 𝚑𝚎𝚝 𝚕𝚒𝚎𝚍 𝚐𝚛𝚒𝚓𝚗𝚜𝚝 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊 𝚟𝚊𝚗 𝚘𝚘𝚛 𝚝𝚘𝚝 𝚘𝚘𝚛． ‘𝚆𝚎𝚎𝚝 𝚐𝚎 𝚠𝚊𝚝 𝚒𝚔 𝚘𝚘𝚔 𝚜𝚌𝚑𝚊𝚊𝚖𝚝𝚎𝚕𝚘𝚘𝚜 𝚎𝚎𝚗 𝚑𝚎𝚎𝚛𝚕𝚒𝚓𝚔𝚎 𝚜𝚌𝚑𝚒𝚓𝚏 𝚟𝚒𝚗𝚍？’ 𝚟𝚛𝚊𝚊𝚐𝚝 𝚣𝚎． 𝙶𝚎 𝚔𝚒𝚓𝚔𝚝 𝚑𝚊𝚊𝚛 𝚟𝚛𝚊𝚐𝚎𝚗𝚍 𝚊𝚊𝚗． ‘‘𝙹𝚊𝚗 𝚉𝚘𝚗𝚍𝚎𝚛 𝚅𝚛𝚎𝚎𝚜’ 𝚟𝚊𝚗 𝚂𝚙𝚛𝚒𝚗𝚐’, 𝚋𝚎𝚔𝚎𝚗𝚝 𝚣𝚎． 𝙶𝚒𝚓 𝚖𝚘𝚎𝚝 𝚕𝚊𝚌𝚑𝚎𝚗． 𝙶𝚎 𝚟𝚎𝚛𝚝𝚎𝚕𝚝 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊 𝚑𝚘𝚎 𝚐𝚎 𝚊𝚕𝚜 𝚙𝚛𝚒𝚕𝚕𝚎 𝚍𝚎𝚛𝚝𝚒𝚐𝚎𝚛 𝚊𝚊𝚗 𝚍𝚎 𝚜𝚕𝚊𝚐 𝚠𝚊𝚊𝚛𝚝 𝚋𝚒𝚓 𝚂𝚝𝚞𝚍𝚒𝚘 𝟷𝟶𝟶 𝚎𝚗 𝚘𝚗𝚍𝚎𝚛 𝚖𝚎𝚎𝚛 𝚍𝚎 𝚌𝚍’𝚜 𝚟𝚊𝚗 𝚂𝚙𝚛𝚒𝚗𝚐 𝚑𝚒𝚎𝚕𝚙 𝚕𝚊𝚗𝚌𝚎𝚛𝚎𝚗． 𝙴𝚗 𝚑𝚘𝚎 𝚟𝚊𝚊𝚔 𝚐𝚒𝚓 𝚖𝚎𝚝 𝙹𝚎𝚕𝚕𝚎 𝙲𝚕𝚎𝚢𝚖𝚊𝚗𝚜 𝚎𝚗 𝚌𝚘 𝚗𝚊𝚊𝚛 𝙱𝚕𝚊𝚗𝚔𝚎𝚗𝚋𝚎𝚛𝚐𝚎 𝚛𝚎𝚎𝚍 𝚟𝚘𝚘𝚛 𝚍𝚎 𝚘𝚙𝚗𝚊𝚖𝚎𝚜 𝚟𝚊𝚗 𝚃𝚒𝚎𝚗 𝙾𝚖 𝚃𝚎 𝚉𝚒𝚎𝚗． 𝚆𝚊𝚝 𝚎𝚎𝚗 𝚌𝚒𝚛𝚌𝚞𝚜 𝚍𝚊𝚝 𝚠𝚊𝚜, 𝚍𝚊𝚊𝚛 𝚘𝚙 𝚎𝚗 𝚛𝚘𝚗𝚍 𝚍𝚎 𝚍𝚒𝚓𝚔． 𝙶𝚎 𝚟𝚒𝚜𝚝 ‘𝙹𝚊𝚗 𝚉𝚘𝚗𝚍𝚎𝚛 𝚅𝚛𝚎𝚎𝚜’ 𝚘𝚙 𝚒𝚗 𝙰𝚙𝚙𝚕𝚎 𝙼𝚞𝚜𝚒𝚌 𝚎𝚗 𝚕𝚊𝚊𝚝 𝚍𝚎 𝚔𝚛𝚊𝚌𝚑𝚝𝚙𝚊𝚝𝚜𝚎𝚛 𝚟𝚒𝚊 𝚋𝚕𝚞𝚎𝚝𝚘𝚘𝚝𝚑 𝚕𝚘𝚜 𝚘𝚙 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊, 𝚍𝚒𝚎 𝚙𝚛𝚘𝚖𝚙𝚝 𝚕𝚘𝚜 𝚍𝚘𝚘𝚛 𝚑𝚎𝚝 𝚍𝚊𝚔 𝚐𝚊𝚊𝚝 𝚎𝚗 𝚗𝚒𝚎𝚝 𝚊𝚕𝚕𝚎𝚎𝚗 𝚖𝚎𝚎𝚋𝚛𝚞𝚕𝚝 𝚣𝚘𝚗𝚍𝚎𝚛 𝚠𝚎𝚎𝚛𝚐𝚊, 𝚖𝚊𝚊𝚛 𝚘𝚘𝚔 𝚎𝚕𝚔 𝚐𝚎𝚋𝚊𝚊𝚛 𝚞𝚒𝚝 𝚍𝚎 𝚌𝚑𝚘𝚛𝚎𝚘𝚐𝚛𝚊𝚏𝚒𝚎 𝚕𝚒𝚓𝚔𝚝 𝚝𝚎 𝚔𝚎𝚗𝚗𝚎𝚗． 𝙳𝚊𝚊𝚛 𝚐𝚊𝚊𝚝 𝚑𝚊𝚊𝚛 𝚑𝚊𝚗𝚍 𝚍𝚎 𝚕𝚞𝚌𝚑𝚝 𝚒𝚗, 𝚍𝚎𝚗𝚔𝚋𝚎𝚎𝚕𝚍𝚒𝚐 𝚣𝚠𝚊𝚊𝚛𝚍 𝚒𝚗 𝚍𝚎 𝚊𝚊𝚗𝚜𝚕𝚊𝚐． 𝙾𝚏 𝚣𝚎 ‘𝙽𝚘𝚘𝚒𝚝 𝚖𝚎𝚎𝚛 𝚣𝚒𝚎𝚗’ 𝚔𝚎𝚗𝚝, 𝚟𝚛𝚊𝚊𝚐𝚝 𝚐𝚎, 𝚠𝚊𝚗𝚗𝚎𝚎𝚛 𝙹𝚊𝚗 𝚒𝚜 𝚞𝚒𝚝𝚐𝚎𝚣𝚘𝚗𝚐𝚎𝚗． 𝙷𝚎𝚝 𝚒𝚜 𝚞𝚠 𝚎𝚒𝚐𝚎𝚗 𝚏𝚊𝚟𝚘𝚛𝚒𝚎𝚝𝚎 𝚂𝚙𝚛𝚒𝚗𝚐-𝚜𝚘𝚗𝚐 𝚎𝚗 𝚎𝚟𝚎𝚗 𝚕𝚊𝚝𝚎𝚛 𝚣𝚒𝚝 𝚐𝚎 𝚖𝚎𝚝 𝚣’𝚗 𝚝𝚠𝚎𝚎ë𝚗 𝚖𝚎𝚎 𝚝𝚎 𝚔𝚠𝚎𝚝𝚝𝚎𝚛𝚎𝚗 𝚊𝚕𝚜𝚘𝚏 𝚞𝚠 𝚋𝚎𝚒𝚍𝚎𝚛 𝚕𝚎𝚟𝚎𝚗 𝚎𝚛𝚟𝚊𝚗 𝚊𝚏𝚑𝚊𝚗𝚐𝚝．</p>
<p>𝙷𝚎𝚝 𝚒𝚜 𝚟𝚛𝚒𝚓𝚍𝚊𝚐 𝚎𝚗 𝚍𝚎 𝚣𝚘𝚗 𝚜𝚌𝚑𝚒𝚓𝚗𝚝． 𝙷𝚎𝚝 𝚒𝚜 𝚟𝚛𝚒𝚓𝚍𝚊𝚐 𝚎𝚗 𝚐𝚎 𝚣𝚒𝚓𝚝 𝚙𝚕𝚘𝚝𝚜 𝚜𝚝𝚘𝚖𝚠𝚎𝚐 𝚑𝚎𝚎𝚕 𝚐𝚎𝚕𝚞𝚔𝚔𝚒𝚐． 𝙷𝚎𝚝 𝚒𝚜 𝚟𝚛𝚒𝚓𝚍𝚊𝚐 𝚎𝚗 𝚐𝚎𝚕𝚞𝚔𝚔𝚒𝚐 𝚣𝚒𝚓𝚝 𝚐𝚒𝚓 𝚝𝚎 𝚘𝚞𝚍 𝚟𝚘𝚘𝚛 𝚍𝚘𝚔𝚝𝚎𝚛 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊, 𝚠𝚊𝚗𝚝 𝚐𝚎 𝚟𝚘𝚎𝚕𝚝 𝚍𝚊𝚝 𝚐𝚒𝚓 𝚣𝚘𝚖𝚊𝚊𝚛 𝚑𝚊𝚕𝚜𝚘𝚟𝚎𝚛𝚔𝚘𝚙 𝚑𝚎𝚎𝚕 𝚟𝚎𝚛𝚕𝚒𝚎𝚏𝚍 𝚘𝚙 𝚑𝚊𝚊𝚛 𝚣𝚘𝚞 𝚔𝚞𝚗𝚗𝚎𝚗 𝚠𝚘𝚛𝚍𝚎𝚗． 𝙼𝚊𝚊𝚛 𝚐𝚒𝚓 𝚑𝚎𝚋𝚝 𝚊𝚕𝚕𝚎𝚜 𝚊𝚕𝚜 𝚟𝚊𝚗𝚘𝚞𝚍𝚜 𝚘𝚗𝚍𝚎𝚛 𝚌𝚘𝚗𝚝𝚛𝚘𝚕𝚎． 𝙶𝚎 𝚑𝚘𝚞𝚍𝚝 𝚍𝚎 𝚔𝚒𝚎𝚛𝚎𝚗 𝚍𝚒𝚌𝚑𝚝． 𝙶𝚎 𝚝𝚎𝚖𝚙𝚎𝚛𝚝 𝚞𝚠 𝚑𝚊𝚛𝚝 𝚗𝚘𝚐 𝚟𝚘𝚘𝚛 𝚑𝚎𝚝 𝚋𝚘𝚗𝚣𝚎𝚗𝚍 𝚖𝚎𝚝 𝚞 𝚊𝚊𝚗 𝚍𝚎 𝚑𝚊𝚊𝚕 𝚐𝚊𝚊𝚝． 𝙶𝚒𝚓 𝚣𝚒𝚓𝚝 𝚗𝚞 𝚎𝚎𝚗𝚖𝚊𝚊𝚕 𝚊𝚕 𝚑𝚎𝚎𝚕 𝚕𝚊𝚗𝚐 𝚎𝚎𝚗 𝚋𝚎𝚎𝚝𝚓𝚎 𝚐𝚎𝚑𝚊𝚟𝚎𝚗𝚍． 𝙶𝚒𝚓 𝚣𝚒𝚝 𝚘𝚙 𝚜𝚕𝚘𝚝．</p>
<p>𝚃𝚎𝚛𝚠𝚒𝚓𝚕 𝚐𝚎 𝚍𝚎 𝚠𝚊𝚐𝚎𝚗 𝚙𝚊𝚛𝚔𝚎𝚎𝚛𝚝 𝚟𝚘𝚘𝚛 𝚍𝚎 𝚠𝚊𝚌𝚑𝚝𝚙𝚘𝚜𝚝, 𝚍𝚘𝚎𝚝 𝚐𝚎 𝚘𝚙 𝚞𝚠 𝚋𝚎𝚞𝚛𝚝 𝚎𝚎𝚗 𝚋𝚎𝚔𝚎𝚗𝚝𝚎𝚗𝚒𝚜． 𝙳𝚊𝚝 𝚐𝚎 𝚗𝚊𝚊𝚜𝚝 𝚊𝚕 𝚍𝚒𝚎 𝚙𝚘𝚕𝚢𝚏𝚘𝚗𝚒𝚎 𝚎𝚗 𝙱𝚊𝚌𝚑 𝚎𝚗 𝙹𝚊𝚣𝚣 𝚎𝚗 𝚂𝚌𝚊𝚗𝚍𝚒𝚗𝚊𝚟𝚒𝚜𝚌𝚑𝚎 𝚎𝚕𝚎𝚔𝚝𝚛𝚘𝚗𝚒𝚌𝚊𝚖𝚞𝚣𝚒𝚎𝚔 𝚘𝚘𝚔 𝚐𝚎𝚠𝚎𝚕𝚍𝚒𝚐 𝚐𝚛𝚊𝚊𝚐 𝚕𝚞𝚒𝚜𝚝𝚎𝚛𝚝 𝚗𝚊𝚊𝚛 𝙼𝚊𝚛𝚌𝚘 𝙱𝚘𝚛𝚜𝚊𝚝𝚘． 𝙽𝚊𝚝𝚞𝚞𝚛𝚕𝚒𝚓𝚔 𝚟𝚎𝚎𝚛𝚝 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊 𝚎𝚗𝚝𝚑𝚘𝚞𝚜𝚒𝚊𝚜𝚝 𝚛𝚎𝚌𝚑𝚝． ‘𝙹𝚊！’, 𝚛𝚘𝚎𝚙𝚝 𝚣𝚎． ‘𝙸𝚔 𝚕𝚎𝚎𝚏 𝚗𝚒𝚎𝚝 𝚖𝚎𝚎𝚛 𝚟𝚘𝚘𝚛 𝚓𝚘𝚞！ 𝙾𝚙𝚣𝚎𝚝𝚝𝚎𝚗！ 𝙾𝚙𝚣𝚎𝚝𝚝𝚎𝚗！’
𝙶𝚎 𝚍𝚘𝚎𝚝 𝚠𝚊𝚝 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊 𝚟𝚛𝚊𝚊𝚐𝚝． 𝙷𝚘𝚎 𝚣𝚘𝚞𝚍𝚝 𝚐𝚎 𝚗𝚒𝚎𝚝 𝚔𝚞𝚗𝚗𝚎𝚗 𝚍𝚘𝚎𝚗 𝚠𝚊𝚝 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊 𝚟𝚛𝚊𝚊𝚐𝚝？ 𝚅𝚘𝚘𝚛 𝚑𝚎𝚝 𝚞𝚒𝚝𝚜𝚝𝚊𝚙𝚙𝚎𝚗 𝚐𝚊𝚊𝚝 𝚐𝚎 𝚗𝚘𝚐 éé𝚗 𝚔𝚎𝚎𝚛 𝚜𝚊𝚖𝚎𝚗 𝚕𝚘𝚘𝚜:</p>
<blockquote>
<p>'𝘐𝘬 𝘭𝘦𝘦𝘧 𝘯𝘪𝘦𝘵 𝘮𝘦𝘦𝘳 𝘷𝘰𝘰𝘳 𝘫𝘰𝘶. 𝘝𝘰𝘰𝘳𝘣𝘪𝘫 𝘻𝘪𝘫𝘯 𝘢𝘭𝘭𝘦 𝘫𝘢𝘳𝘦𝘯, w𝘢𝘢𝘳𝘪𝘯 𝘪𝘬 𝘩𝘦𝘣 𝘨𝘦𝘭𝘰𝘰𝘧𝘥 d𝘢𝘵 𝘸𝘪𝘫 𝘨𝘦𝘭𝘶𝘬𝘬𝘪𝘨 𝘸𝘢𝘳𝘦𝘯. 𝘌𝘯 𝘯𝘶 𝘩𝘦𝘵 𝘭𝘦𝘷𝘦𝘯 𝘸𝘦𝘦𝘳 𝘷𝘢𝘯 𝘮𝘪𝘫 𝘪𝘴, m𝘪𝘫𝘯 𝘩𝘢𝘳𝘵 𝘴𝘪𝘯𝘥𝘴 𝘭𝘢𝘯𝘨𝘦 𝘵𝘪𝘫𝘥 𝘸𝘦𝘦𝘳 𝘷𝘳𝘪𝘫 𝘪𝘴, b𝘦𝘯 𝘪𝘬 𝘻𝘰 𝘣𝘭𝘪𝘫 𝘥𝘢𝘵 𝘩𝘦𝘵 𝘷𝘰𝘰𝘳𝘣𝘪𝘫 𝘪𝘴, 𝘰𝘩 𝘰𝘩'</p>
</blockquote>
<p>𝙻𝚊𝚝𝚎𝚛 𝚍𝚒𝚎 𝚊𝚟𝚘𝚗𝚍 𝚠𝚘𝚛𝚍𝚎𝚗 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊 𝚎𝚗 𝚐𝚒𝚓 𝚜𝚊𝚖𝚎𝚗𝚣𝚠𝚎𝚎𝚛𝚍𝚎𝚛𝚒𝚐 𝚗𝚘𝚐 𝚕𝚢𝚛𝚒𝚜𝚌𝚑 𝚘𝚟𝚎𝚛 𝚋𝚘𝚎𝚔𝚎𝚗, 𝚘𝚟𝚎𝚛 𝚑𝚘𝚎 𝚐𝚎 𝚎𝚛 𝚍𝚊𝚊𝚛 𝚗𝚘𝚘𝚒𝚝 𝚐𝚎𝚗𝚘𝚎𝚐 𝚟𝚊𝚗 𝚔𝚞𝚗𝚝 𝚑𝚎𝚋𝚋𝚎𝚗． 𝙶𝚎 𝚐𝚘𝚘𝚒𝚝 𝚝𝚒𝚝𝚎𝚕𝚜 𝚗𝚊𝚊𝚛 𝚎𝚕𝚔𝚊𝚊𝚛． 𝙴𝚗 𝚗𝚘𝚐． 𝙴𝚗 𝚗𝚘𝚐． 𝙼𝚊𝚊𝚛 𝚘𝚘𝚔 𝚊𝚊𝚗 𝚍𝚊𝚝 𝚕𝚒𝚎𝚍 𝚔𝚘𝚖𝚝 𝚎𝚎𝚗 𝚎𝚒𝚗𝚍𝚎． 𝚅𝚘𝚘𝚛 𝚞 𝚟𝚘𝚕𝚐𝚝 𝚗𝚘𝚐 𝚎𝚎𝚗 𝚗𝚊𝚌𝚑𝚝𝚜𝚑𝚒𝚏𝚝, 𝚝𝚎𝚛𝚠𝚒𝚓𝚕 𝚍𝚘𝚔𝚝𝚎𝚛 𝙾𝚕𝚒𝚟𝚒𝚊 𝚒𝚎𝚝𝚜 𝚗𝚊 𝚎𝚕𝚟𝚎𝚗 𝚘𝚙 𝚍𝚎 𝚏𝚒𝚎𝚝𝚜 𝚜𝚝𝚊𝚙𝚝 𝚘𝚖 𝚣𝚒𝚌𝚑 𝚑𝚞𝚒𝚜𝚠𝚊𝚊𝚛𝚝𝚜 𝚝𝚎 𝚛𝚎𝚙𝚙𝚎𝚗．</p>
<p>𝙶𝚒𝚓, 𝚐𝚒𝚓 𝚊𝚟𝚘𝚗𝚍𝚍𝚛𝚘𝚘𝚖𝚝 𝚍𝚊𝚝 𝚐𝚒𝚓 𝚘𝚙 𝚎𝚎𝚗 𝚍𝚊𝚐 𝚗𝚘𝚐 𝚎𝚎𝚗𝚜 𝚣𝚘𝚟𝚎𝚎𝚕 𝚟𝚊𝚗 𝚒𝚎𝚖𝚊𝚗𝚍 𝚔𝚞𝚗𝚝 𝚑𝚘𝚞𝚍𝚎𝚗, 𝚣ó𝚟𝚎𝚎𝚕 𝚍𝚊𝚝 𝚣𝚒𝚓 𝚞𝚠 𝚑𝚊𝚛𝚝 𝚒𝚗 𝚖𝚒𝚕𝚓𝚊𝚛𝚍𝚎𝚗 𝚜𝚝𝚞𝚔𝚔𝚎𝚗 𝚣𝚘𝚞 𝚔𝚞𝚗𝚗𝚎𝚗 𝚋𝚛𝚎𝚔𝚎𝚗． 𝚆𝚊𝚊𝚛𝚗𝚊 𝚐𝚒𝚓 𝚘𝚙 𝚛𝚎𝚙𝚎𝚊𝚝 𝚣𝚘𝚞 𝚕𝚞𝚒𝚜𝚝𝚎𝚛𝚎𝚗 𝚗𝚊𝚊𝚛 ‘𝙸𝚔 𝚕𝚎𝚎𝚏 𝚗𝚒𝚎𝚝 𝚖𝚎𝚎𝚛 𝚟𝚘𝚘𝚛 𝚓𝚘𝚞’．</p>
<p>𝚄𝚣𝚎𝚕𝚏 𝚍𝚎𝚛𝚠𝚒𝚓𝚣𝚎 𝚖𝚊𝚗𝚒𝚏𝚎𝚜𝚝 𝚒𝚎𝚝𝚜 𝚟𝚘𝚘𝚛𝚕𝚒𝚎𝚐𝚎𝚗𝚍．</p>]]></description>
<link>https://www.zinnenspinnerij.be/blog/?id=𝗗𝗘𝗥𝗪𝗜𝗝𝗭𝗘-𝗲𝗻-𝗻𝗶𝗲𝘁-𝗮𝗻𝗱𝗲𝗿𝘀</link>
<guid>https://www.zinnenspinnerij.be/blog/?id=𝗗𝗘𝗥𝗪𝗜𝗝𝗭𝗘-𝗲𝗻-𝗻𝗶𝗲𝘁-𝗮𝗻𝗱𝗲𝗿𝘀</guid>
<pubDate>Fri, 18 Jul 2025 16:59:00 +0000</pubDate>
</item>
<item>
<title><![CDATA[Moed en vertrouwen]]></title>
<description><![CDATA[ <p><em>‘Was ist das leben?’</em> Mijn grootvader aan moederszijde - o, die schone mens! - wilde me dat retorisch wel eens vragen, des zondags, wanneer hij bij ons te eten kwam. Mijn mama toverde dan coq-au-vin met kroketjes op tafel, of een andere vorm van overheerlijke stoofpot. Het gebeurde dat hij zei: ‘Kom, we gaan op restaurant!’ En dan trok hij zijn portefeuille en trakteerde hij ons op een feestmaal inclusief voortreffelijke wijn, ons zijnde mijn mama, mijn zus en ikzelf. We hadden een vast adresje, een plek waar een overheerlijke sol meunière werd geserveerd, zijn favoriet. Je kan nu denken ‘Zeetong in boter, dat is een makkie!’ Niets is minder waar! Vraag maar aan Peter - Hof van Cleve - Goossens, drie Michelinsterren sterk, die het ooit als opdracht gaf toen hij in de jury van een populaire kookwedstrijd zat. Hij wist deksels goed waarom hij net dát vroeg aan de aspirant-fornuisgoden. </p>
<p>Maar dus: <em> ‘Was ist dat leben?’ </em> placht mijn grootvader mij bij herhaling voor de voeten te werpen. Uit de manier waarop hij die levensvraag stelde, kon ik afleiden dat hij geen antwoord verwachtte, niet écht. De vraag was niet alleen retorisch voor mij, maar ook voor hemzelf, zo scheen mij toe. Ik nam ze evenwel ter harte. Ik pijnigde mijn brein. Wekenlang. Maandenlang. Net zolang tot ik hem op een dag - ik was hoop en al 18 of 19 - en na rijp beraad met mezelf antwoordde: ‘Wat je er zelf van maakt, denk ik.’</p>
<p>Mijn grootvaders ogen werden groot. Zijn sigaar tuimelde bijna van tussen zijn vingers. Zijn wenkbrauwen schoten de hoogte in, of toch minstens één van die twee monumentale borstels. (Ik heb de mijne van hem en ik draag ze met onversneden trots.) Hij staarde mij aan. Oprecht verbaasd, zo leek het. Na een korte stilte stamelde hij: ‘Jong! Gotverdekke, ge hebt gelijk!’.</p>
<p>Ofwel was hij een begenadigd acteur, ofwel was hij zowaar echt wat uit zijn lood geslagen, omdat er voor de filosofische kwestie die hij bij herhaling aankaartte (en allicht niet alleen bij mij) kennelijk toch een uitkomst was. Ik houd het op dat laatste.</p>
<p>Ik hield van die man. O, wat hield ik van die man. Gekraakt en gebroken als hij was. Hij, die als leraar een promotie tot hoofdonderwijzer aannam onder Duitse bezetting. Hij, die vond dat kinderen in tijden van oorlog zoveel mogelijk hun routine moesten kunnen behouden en recht hadden op onderwijs. Hij, die iederéén meewilde, ook de zwakste schakels. En hij, die thuis heel wat monden te voeden had. Dat ook. Ja, hij had sympathie voor de Vlaamse zaak, omdat hijzelf niet eens kon studeren in zijn eigen taal. Je moet je dat vandaag eens voorstellen. ‘Den Duits’ speelde daar gewiekst op in, dat mag gezegd. Is hij naïef geweest? Ongetwijfeld! Had hij beter moeten weten? Wellicht. Al is dat terugblikkend met de kennis en inzichten van nú makkelijk gezegd. Weten wij veel. Wij, luxekinderen van de moderne tijd, wij telgen van een ontvoogding op velerlei vlakken.</p>
<p>Voor wat het waard is: de man heeft er de rest van zijn leven voor betaald. Door te verzaken aan wat hem het liefst was: voor de klas staan. Kort na de oorlog werd hij weggezet als collaborateur, net als zijn broers-onderwijzers. Zij werden allemaal gerehabiliteerd, ook mijn grootvader. Zij gingen allemaal terug naar het onderwijs. Allemaal, behalve hij. Er was iets gebroken. Iets in hem was afgestorven, al heeft hij zich tegenover mij nooit bitter of wrang getoond. Toen ik op mijn 15de in een niet onderkende depressie tuimelde, was hij degene die dat feilloos las in mijn blik en mijn gekromde schouders, en mijn door en door verdrietig lichaam. Dan nam hij mijn hoofd in zijn handen, kolenscheppen van handen waren dat. En dan sprak hij met gebarsten stem en tranen in de ogen, zélf half in staat van ontbinding: ‘Moed en vertrouwen, jongen. Moed en vertrouwen!’.</p>
<p>Die handen. Die tranen. Die uiteenrafelende stem. Die blik.</p>
<p>Ik zal ze nooit vergeten. Nooit. Want: als mijn glas al mijn hele leven halfvol is - de talrijke ongein en lelijkheid ten spijt - dan is dat hogelijk dankzij hem. En dus wens ik je moed en vertrouwen, lezer. Moed en vertrouwen. Elke dag opnieuw. Ik vraag je: wat hebben wij anders dan dát?</p>
<p><strong>Beeld: © <a href="https://www.webdesign-prepress.com/">Hans Lengeler</a></strong></p>]]></description>
<link>https://www.zinnenspinnerij.be/blog/?id=moed-en-vertrouwen</link>
<guid>https://www.zinnenspinnerij.be/blog/?id=moed-en-vertrouwen</guid>
<pubDate>Sat, 23 Sep 2023 05:30:00 +0000</pubDate>
</item>
<item>
<title><![CDATA[(Mente à) l’eau]]></title>
<description><![CDATA[ <p>Het is een loden hitte nu, die hier hangt. De Var kreunt net als een paar dozijn andere Franse departementen onder een gloeiend hete zon. Normaal kijken Bro en ik vanuit zijn stek uit over Provençaalse daken, maar heden zien wij niets. We houden luiken, ramen en gordijnen gesloten. En dan nog druppelt het zweet van onze bonkige ruggen. Riviertjes banen zich een weg over onze lijven. Af en toe puffen wij. Straks zoeken we weer de koelte op van de auto. Onder het genot van een aircobriesje zullen wij ons naar de hoger gelegen Gorges du Verdon begeven. Hoger, dus minstens een paar graden koeler. Van dat laatste zullen we ons vergewissen op een schaduwrijk terras, waar we blond abdijbier van het vat wijselijk zullen mijden en Ricard evengoed. Bro zal een appelsienlimonade nuttigen van een bekend Frans merk. Ik houd het op een mente à l’eau.</p>
<p>Ik ben hier graag. Ik zou hier kunnen blijven. Maar vergis je niet: het is overal iets. Gisteren kreeg Bro een petitie onder zijn neus geduwd van een - terecht - activistische stadsgenote. Het debiet van het kraantjeswater is zowat onder nul gezakt. Wij wassen ons met povere druppels. De sjampoo uit je haar wassen is een processie van Echternach. Hoe dat komt? De wijn- en olijfboeren overladen hun gewassen overvloedig met water. Terwijl die dat eigenlijk niet nodig hebben. Ze halen dat water uit le Canal de Provence, op kosten van de belastingbetaler. Jaarlijks goed voor een bedrag van - ga vooral even zitten - 160 miljoen euro. Misschien is wat nu volgt nog cynischer. In de ruime omgeving liggen een drietal golfterreinen. Kennelijk zijn golfers erg gehecht aan een groene grasmat. En dus krijgen die domeinen overvloedig vocht om de rijke stinkers te behagen. Elk golfterrein jaagt er zo’n slordige 50.000 kubieke meter water door per jaar. Ondertussen drogen natuurlijke bronnen voorgoed op en staan tal van rivierbeddingen droog. ‘Eigenlijk is het ancien regime nooit helemaal weggeweest’, mijmert Bro. Eigenlijk heeft hij gelijk. De middenklasse wordt aan alle kanten in de kont genaaid door een kleine, steenrijke elite. Ik zie daar overigens geen complotten achter. Daar moet je op Telegram voor wezen. Neen, het is gewoon de dynamiek van het groot geld. En die zie je overal, ook bij ons in Vlaanderen, waar een luchthaven als Deurne het moet hebben van privé-jets die een handvol rijke industriëlen en andere notabelen vervoeren. Ten koste van een waardevol alternatief: een natuurgebied. Om maar één voorbeeld te geven. Over de grote plas sturen Bezos en Musk om ter eerst tuigen de ruimte in en voeren daar tal van drogredenen voor aan. Terwijl ze in wezen gewoon hele rijke jongetjes zijn met een joekel van een ego, die van zowat alles een speeltuin maken. Dus ook van de ruimte. Après nous? Le deluge! Ik vind die heren al lang niet zo visionair meer, onderhand. </p>
<p>Ondertussen zijn er hier in Frankrijk heelder gebieden waar geen vergunningen voor zwembaden meer worden uitgereikt. Hun 'plas' verdampt dermate snel dat eigenaars het volume dagelijks drastisch moeten aanvullen. Er komt een punt waarop dat gewoon niet meer te verantwoorden is. Wetenschappers voorspellen dat de gletsjer die de Rhône voedt in 2050 helemaal zal gesmolten zijn. Dat is heel veel rivier die niet meer bevoorraad zal worden uit de bergen. Met langs die rivier ontelbaar veel wijnstokken. Terwijl de kasteeleigenaars en wijnboeren lustig irrigeren, delven ze het graf van toekomstige generaties. Van hun eigen nakomelingen. Maar wat zou het. Après eux le deluge!</p>
<p>Maar goed. Wij begeven ons nu - slakkengang - naar de impressionante kloven van de Verdon.
Voor een mente à l’eau.
Nu er nog heel even water is.</p>
<p>Wijl wij daar zijn, zullen wij meteen ook ons creatieve hoofd breken over een gedicht op maat mét een schone tekening erbij. Want jawel, ons kindeke is geboren: <a href="https://poezie-op-maat.be/">Poëzie op Maat</a>. Tussen Bro en mij pákt de mayonaise. Altijd. Maar oordeel vooral zelf. Klik de link aan. Lees. Zie. En zeg het voort.</p>]]></description>
<link>https://www.zinnenspinnerij.be/blog/?id=mente-à-leau</link>
<guid>https://www.zinnenspinnerij.be/blog/?id=mente-à-leau</guid>
<pubDate>Sat, 19 Aug 2023 11:15:00 +0000</pubDate>
</item>
<item>
<title><![CDATA[Niets bestaat]]></title>
<description><![CDATA[ <p>Het is goed niet in België te zijn. Het is beter dan wel in België te zijn. Natuurlijk helpt de Provençaalse zon het gemoed een handje, maar er is meer. Licht en vergezichten. Mensen die 'Bonjour' zeggen wanneer ze je kruisen onder een plataan. Tomaten die blozen van de smaak. Een aangename traagheid, zonder dat ze verzandt in immobilisme. Olijven van de markt. Rosé die van geen katers wil weten. Elke dag een geurenzee, dat ook. En adem. Ja, adem, zonder dat je er moet naar snakken.</p>
<p>Bro, alias mijn gastheer, woont vier hoog in de wolken. Daar leven wij, op het ritme van het zuiden. Soms slingeren wij langs kronkelwegen naar de top van een of ander massief. Boven, op een plek die van god verlaten lijkt, wacht ons bijna altijd de koelte van een heel oud klooster. Ketters die we zijn, ontbloten we niettemin respectvol onze hoofden. In de Notre Dame des Anges werden we middels een bordje naast een deur uitgenodigd te biechten. Ten behoeve van onze zielenrust konden we met een simpele druk op een deurbel verlichting ontbieden in de vorm van een geestelijke. Dat mocht zomaar zonder afspraak. <em>J'en passe</em>, zei ik tegen Bro, maar toen ik mij omdraaide, bleek hij al wijselijk de benen te hebben genomen. Ik vond hem terug op het uitkijkpunt buiten, alwaar hij zich stond te vergapen aan de Middellandse Zee.</p>
<p>Het is goed niet in Vlaanderen te zijn. Het is beter dan wel in Vlaanderen te zijn. Het wordt me wat te zuur, daar. Wat te duur, ook. Als alleenstaande vader sta ik constant onder financiële druk. Het is meer net kopje onder gaan dan nipt boven water blijven. Ondanks hard labeur, in loondienst en voor eigen rekening. De sociale lasten, de belastingdruk en o, de gangsters die zichzelf banken noemen en altijd present tekenen als het goed met je gaat, maar honend en neerbuigend de deur op je neus gooien wanneer ze met een voor hen futiele inspanning je leven even zouden kunnen verlichten. Toen ik ooit de helft was van een huwelijk van tweeverdieners met ronkende carrières, kon het niet op. Wij mochten kopen, bouwen, leasen. Wij kregen een kaskrediet alsof het niets was. Toen dat huwelijk strandde, smolt de hartelijkheid als sneeuw voor de zon en staarden wij plots in de gore, cynische smoel van het grootkapitaal.</p>
<p>Het is dat ik een zoon heb die ik op zijn leeftijd moeilijk kan verpotten naar de Provence - wat overigens ook het co-ouderschap enigszins zou bemoeilijken - maar anders zou ik zomaar hier blijven. Zoals Bro. Hij telewerkt als kleine zelfstandige onder Frans statuut. Betaalt erg billijke belastingen. Eet als een koning dankzij al het zondoordrongen lekkers dat de dinsdagse markt te bieden heeft. Voor vanavond ligt hier een gebraden kipje klaar. Er zijn heerlijke meloenen. De paprika's, courgettes, aubergines en tomaten lijken wel te spreken: savoureer ons, savoureer ons. De basilicum op het aanrecht is een smaak- en aromabom. Straks wacht Bro en mij een terrasje in de lommer, waar wij bevrijd van kommer verder zullen smeden aan onze grootse plannen. Er broeit iets in het zuiden. Er is iets op handen. Meer kan ik daar voorlopig niet over kwijt, maar het zal u, lezer, snel genoeg dagen. </p>
<p>Maar dus. Het is goed weg van huis te zijn en hier thuis te komen.
Wij twee mannen die spijs, drank en betekenisvolle gesprekken delen.
Wij twee heren met grijzende slapen, maar tegelijk nog altijd jongens die dromen. Niet van een vrouw, neen. Die bliksemschicht en dat berouw zijn wij lang voorbij. Díe biecht is vervlogen. Wij leren simpelweg onszelf te dogen. Terwijl niets bestaat dat niet iets anders aanraakt.</p>]]></description>
<link>https://www.zinnenspinnerij.be/blog/?id=niets-bestaat</link>
<guid>https://www.zinnenspinnerij.be/blog/?id=niets-bestaat</guid>
<pubDate>Tue, 15 Aug 2023 12:26:00 +0000</pubDate>
</item>
</channel>
</rss>
